Ik zou dit boek van 125 bladzijden een productie uit het communicatie of mediation-veld willen noemen waarbij je een handleiding krijgt om met moeilijke mensen om te gaan. In dit geval dus vooral de populisten waarmee spanningen op feestdagen en familiediners uit de hand kunnen lopen. Voor de meeste mediators zullen er niet veel echte verrassingen in dit boekje zitten. Toch heb ik het met heel veel plezier gelezen omdat het steeds een doorkijkje geeft naar verschillende andere disciplines met name psychologische processen. Buijssen is psychologiegerontoloog, voormalig gezondheids-psycholoog en klinisch psycholoog. En dat merk je.
1. Het eerste hoofdstuk stelt de juiste mindset aan de orde om met een populist in gesprek te gaan. Het antwoord is kort en goed dat je je op geen enkele manier moreel of intellectueel superior moet voelen ten opzichte van deze. Buijssen denkt dat dat gevoel van superieur voelen diep zit en veel breder gaat dan het zogenaamde calvinisme waar het vaak aan verweten wordt. Zo komt hij tot het sociologisch onderscheid van ‘inhoudelijke polarisatie’ en ‘affectieve polarisatie’. Inhoudelijk polarisatie is van groot belang voor het verschil van meningen maar affectieve polarisatie houdt in dat je mensen met een andere mening gaat veroordelen als slecht. Hij pleit dus voor een mindset van nederigheid als appèl op intellectuele en morele bescheidenheid. (blz. 29). Ik moest direct aan studies over de deugden denken.
2. Het tweede hoofdstuk heeft als titel ‘ga niet debatteren’. Hij behandelt hier het backfire effect dat mensen zich door andersdenkenden heel gauw aangevallen voelen als ze eenmaal een bepaald standpunt hebben ingenomen. Resultaat: men gaat zich aan het ingenomen standpunt niet minder maar meer vastklampen als ze met tegenargumenten worden geconfronteerd. Daarbij verwijst Buijssen naar hersengebieden die bij zulke standpunt-discussies reageren, precies dezelfde gebieden als bij bedreigingen! Dat backfire effect zit met name bij onderwerpen die ons dieper raken zoals religie morele overtuigingen en zie daar ook: de politiek. We stappen makkelijk naar in het gebied van motivated reasoning; we redeneren niet om de waarheid te vinden maar om ons gelijk te behouden. Het brein gaat In de verdedigingsmodus Invalshoek wordt de ‘confirmation bias’ of het bevestigingsvooroordeel genoemd; ‘eigen ideeën eerst’ om het maar zo te zeggen Het is in debat met een populist van belang om kalm te blijven en daarmee wijst hij op het menselijk gedrag dat mensen vaak niet doorhebben hoe in discussies al gauw escalatie ontstaat. We denken vaak dat we gelijk-op reageren terwijl we in werkelijkheid de spanningen telkens een beetje opvoeren zoals harder gaan praten etc. Tegen die escalatie geeft Buijssen wat praktische aanwijzingen om je niet op te draaien zoals: vat het niet persoonlijk op, probeer je voor te bereiden op je eigen gevoeligheden, probeer de positieve kanten van de ander voor de geest te halen, neem jezelf voor ‘Ik ga niet schreeuwen’, stel je soms als toeschouwer op of ga aan de gang met een rustgevende ademhaling. Ook handig: help de populist om kalm te blijven: ‘wil je alsjeblieft rustig blijven, dan kan ik je beter volgen’! (blz. 47).
3. Tegen het ‘niet debatteren’ van hoofdstuk 2 staat het ‘maak verbinding’ van hoofdstuk 3. Buijssen pleit voor contact maken en geeft daar een aantal middelen voor aan. Boeiend bijvoorbeeld wat hij het spiegelen noemt als een diep ingeworteld verlangen van mensen om tijdens elk contact de ander te spiegelen. De emoties die iemand laat zien wil je als het ware vanzelf overnemen. Dus als je iemand vriendelijk benadert is de kans groot dat je ook vriendelijk wordt benaderd. Verder wijst hij op de vorm van samenvatten. Een magisch middel volgens hem om te de-escaleren. Samenvatten het laat zien dat je de ander probeert te begrijpen. In die context wijst op het belang van respectvolheid en beleefdheid. De evolutie-psychologen komen weer naar voren: dat afwijzing of kritiek vroeger samenhing met levensbedreiging zoals verbanning uit de groep. Buijssen vergelijkt sociale pijn van kritiek en afwijzing met fysieke pijn. Samenvattend wijst hij naar Robin Lakoff die beleefdheid en respectvol gedrag in een drieslag weergaf: 1 van dring je niet op 2. geef opties en 3 zorg dat je gesprekspartner zich goed voelt. Of de 4M regel leefregel van Ogi: ‘Man muss Menschen mögen’. Buijssen gaat zo verder met de erkenning van andermans beleving als middel om contact te maken. Hij komt zo tot de definities van het echte luisteren als zelfbeheersing nieuwsgierigheid en bescheidenheid. (blz. 58) Inhoudelijk pleit hij voor het praten over waarden in plaats van het gesprek over feiten. Binnen zo’n wijde discussie ga je dan ook naar de gevoelens waar hij ook de wortels van populisme ziet. ‘De waarden en standpunten van populisten zijn vaak geworteld in gevoelens van onzekerheid controleverlies of angst voor verandering’ (blz. 60). Via de omweg van waarden en de ontdekking van gedeelde waarden kan zo een eerlijk gesprek ontstaan.
4. ‘Verbinding maken’ van hoofdstuk 3, gaat zo gemakkelijk over de drijfveer van ‘Nieuwgierigheid’ in hoofdstuk 4. We herkennen de grondhouding van de mediator met zijn Anna: altijd navragen nooit aannemen. Buijssen roept Max Weber te hulp: maak onderscheid van vier vormen van rationaliteit. De ene mens redeneert vanuit doelstellingen (Zweckrationalität). De andere vanuit waarden (Wertrationalät). Voor een derde komen emoties en gevoelens op de eerste plaats (affectief handelen).
Tenslotte de traditionalist, die denkt vanuit gewoonte routine en tradities. Vaak zal het om een mix gaan, of nu eens dit dan weer dat. Onderzoek vanuit welk kader de populist redeneert maar ook wat je zelf doet. Zo verdiept hij ook het eerder genoemde belang van luisteren; luister je verbindend of luister je polariserend? Laat je de ander maar wat praten (incasseren en je tong afbijten); luister je naar de ander om hem te betrappen op onjuistheden en gedachtenkrinkels en zo de val in te laten lopen? Buijssen pleit voor luisteren met uitnodigend vragen en dan met name de vraag: Hoe ben je tot die opvatting gekomen? Het gespreksonderwerp van waarden werkt hij tenslotte uit in de lijn van Bert Brandsma: breng het gesprek op dilemma’s rond waarden die je zo mogelijk met elkaar deelt en bespreek situaties waarin dat speelt. En daarbinnen: wees niet bang, breng ook je eigen verhaal van dilemma’s in. Zo ontstaat er een vorm van uitnodigende wederkerigheid. Wellicht toch een echt gesprek…
5. Hoofdstuk 5 tapt uit een heel ander vaatje dan de voorafgaande hoofdstukken en heeft als uitdagende titel ‘wanneer je het toch niet kunt laten om de ander te bekeren’. Waren de voorafgaande hoofstukken vooral aanwijzingen voor een goed gesprek, dit hoofdstuk zoomt in op een eventuele bekering van de populist. Buijssen analyseert de mogelijke gesprekspartners of slachtoffers van zijn handeling ‘choose your battles.’ Hij onderscheidt 5 categorieën van gesprekspartner rond politieke visie of opvattingen 1. Actieve bondgenoten 2. Passieve bondgenoten 3. Neutrale mensen 4. Passieve opponenten 5. Actieve opponenten. Zoom je in op de actieve opponenten dan is de kans op backfire enorm groot. Meer succes kun je verwachten bij de passieve opponenten mensen die zeggen: ‘ Ik ben het niet helemaal met die politicus eens maar die heeft wel een punt.’ Een andere vraag is het ‘heel stellig zijn of juist niet zo stellig zijn’ in het gesprek met de populist. Buijssen pleit voor hedging: voorzichtig genuanceerde taal gebruiken om onzekerheid of bescheidenheid uit te drukken en zo de indruk te geven dat je openstaat voor een gesprek. Zo komt Buijssen uit bij deep canvassing. Dat begrip komt uit de sfeer van colportage, langs de deuren gaan om mensen ergens van te overtuigen of hun mening te peilen. Het bijzondere is de toevoeging ‘deep’ omdat het gaat over één op één gesprekken over onderliggende waarde en niet zomaar met de Wachttoren in je hand aanbellen. Dat blijkt een effectieve methode te zijn om mensen van mening te doen veranderen. Zo komt hij tot een soort samenvattend schema 1. bouw eerst een relatie op, 2. vraag naar het persoonlijk verhaal van de ander met betrekking tot het door jou gekozen thema 3. luister aandachtig en vat samen, 4. deel jouw eigen persoonlijk verhaal en 5. sluit af met een warme noot en erkenning voor je gesprekspartner.
Een boeiend boek dat makkelijk leest en wellicht best heel handig kan zijn de komende feestdagen.. en/of ook daarna.
Cor Schaap
Eefde, december 2025